facebook omroepvenray twitter omroepvenray linkedin omroepvenray instagram omroepvenray youtube omroepvenray
april 17, 2024
     
Gemist kijk live luister live

Het college van burgemeester en wethouders heeft 29 september 2022 ingestemd met het verlengen van de tijdelijke noodopvang in Oostrum. De verlenging is tot 1 juli 2023.

Hiermee wil het college een oplossing bieden voor de huisvesting van de 350 asielzoekers die sinds april 2022 in Venray verblijven in de evenementenhal. Op dinsdag 4 oktober 2022 beslist de gemeenteraad over de verlenging van de huidige bestuursovereenkomst.

Burgemeester Leontien Kompier: “Op dit moment is er sprake van een onhoudbare situatie in de migratieketen. De instroom kan op dit moment niet worden opgevangen en er zijn onvoldoende (crisisnood)opvangplekken om mensen onder te brengen. Zowel het Rijk als het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) hebben daarom een dringend beroep gedaan op onze gemeente om de tijdelijke opvang niet te sluiten in oktober. Vanuit de gemeente Venray nemen we onze verantwoordelijkheid. We werken achter de schermen aan duurzame oplossingen maar op dit moment zijn acute maatregelen noodzakelijk. Anders lopen we het risico dat er voor de huidige bewoners van de noodopvang geen adequaat alternatief voorhanden is.”

Winterperiode

Bij de inrichting van de evenementenhal als opvanglocatie is destijds geen rekening gehouden met opening gedurende de wintermaanden. In overleg met het COA wordt bekeken of er extra maatregelen nodig zijn voor zaken als verwarming en verlichting (zowel binnen als buiten).

Verzoek van COA

Op 12 september 2022 heeft het COA het college van B&W gevraagd om in gesprek te gaan over de mogelijkheden en scenario’s voor hernieuwde (nood)opvang in de gemeente Venray en een langere openstelling van de locatie in Oostrum. De huidige bestuursovereenkomst met het COA en de vergunning voor de noodopvang in de evenementenhal lopen op 22 oktober 2022 af.

Duurzame oplossing

Voor de lange termijn werkt de gemeente aan een plan van aanpak om voldoende duurzame extra opvangplekken te realiseren. Vanwege procedures, beschikbaarheid van locaties, materialen en mankracht, zal de realisatie hiervan nog minimaal enkele maanden kosten.

De gemeente Venray heeft maandag 12 september een brief ontvangen van het COA waarin ze aangeven in gesprek te willen over een mogelijke voortzetting van de noodopvang.

De gemeente Venray en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) werken intensief samen en zorgen op dit moment voor de noodopvang van 350 asielzoekers in de evenementenhal in Oostrum. Na een hectische start van de opvang op 22 april 2022 functioneert deze locatie, in samenwerking en afstemming met alle betrokken partners, uitstekend. Ook het omgevingsbeeld bij deze opvang is zeer positief. Het COA is de gemeente Venray zeer erkentelijk dat zij deze noodopvang mede mogelijk maakt. Deze noodopvang is afgesproken voor een termijn van maximaal 6 maanden die in de loop van oktober afloopt.


Op dit moment staat de opvang van asielzoekers en de asielketen in Nederland nog onder grote druk. De doorstroom in de asielketen en de uitstroom van vergunninghouders naar beschikbare woningen is onvoldoende, en leidt ertoe dat er nog steeds een nijpend tekort is aan opvangplekken. Het COA
wil derhalve de mogelijkheden en scenario’s voor hernieuwde (nood)opvang in de gemeente Venray bespreken.
Een langere openstelling van de locatie in Oostrum is daarbij een optie die het COA
met de gemeente wil bespreken, Aldus de inhoud van de brief.

Op 20 september a.s. bespreekt het college
van B & W de verschillende scenario’s over de opvang van vluchtelingen in brede zin. Kort daarna wil het college ook in overleg met de gemeenteraad over deze opvang en dit specifieke verzoek van het COA.

De betreffende brief is te vinden bij de raadsingekomen stukken en mededelingen op de website van de Venrayse gemeenteraad.

Op 12 april heeft het college van B&W een bestuursovereenkomst afgesloten met het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA). In deze overeenkomst zijn alle afspraken vastgelegd voor de realisatie van een noodopvang in de evenementenhal in de gemeente Venray. Eerder dit jaar stemde de gemeenteraad in met de opvang van maximaal 350 asielzoekers voor een periode van maximaal 6 maanden.

De afgelopen weken heeft het COA samen met de gemeente alle voorbereidingen getroffen. Denk hierbij aan de inrichting van de hal, de catering, beveiliging en de vergunningen. De eerste 100 bewoners arriveren vrijdag 22 april. De verwachting is dat de opvanglocatie na ongeveer 3 weken volledig bezet is.

In eerste instantie zouden de asielzoekers een week later komen. Vanwege de crisissituatie in Ter Apel gaat de opvang echter iets eerder open. Burgemeester Leontien Kompier: “Als gemeente Venray voelen we de noodzaak en de urgentie om bij te dragen aan het opvangvraagstuk rondom asielzoekers. We willen voorkomen dat mensen op straat moeten slapen. Uiteraard moet het wel op een verantwoorde manier. Daarom hebben we alle afspraken goed vastgelegd en is de brandveiligheid op orde.”

De gemeenteraad had vooraf een aantal voorwaarden gesteld aan de realisatie van de opvang aan de Voorde 30 in Oostrum. In de bestuursovereenkomst zijn deze voorwaarden vastgelegd. Zo is er geen mogelijkheid tot verlenging van de periode en zijn in afstemming met Veiligheidsregio en politie afspraken gemaakt over de inzet van beveiliging en straatcoaches. Met behulp van lokale partijen wordt invulling gegeven aan een kwalitatieve dagbesteding en het verstrekken van vers gekookte maaltijden.

Communicatie met omgeving staat voorop
Goede interactie met de omgeving vindt de gemeente belangrijk. Zodat de onderwerpen die onder omwonenden leven snel op tafel liggen en zo mogelijk opgelost kunnen worden. De gemeente heeft daarom een klankbordgroep opgericht met daarin een afvaardiging van de omliggende dorps- en wijkraden, de bedrijven en maatschappelijke instellingen. Ook het COA neemt deel aan de overleggen. De eerste bijeenkomst heeft inmiddels plaatsgevonden. Op woensdag 18 mei organiseert de gemeente met het COA een inloopbijeenkomst op de opvanglocatie. Omwonenden worden hiervoor uitgenodigd per brief maar ook andere belangstellenden zijn welkom. Zij kunnen zich daarnaast abonneren op de digitale nieuwsbrief op https://www.venray.nl/tijdelijke-noodopvang-asielzoekers

Oud-staatssecretaris Ankie Broekers-Knol (Justitie en Veiligheid) erkende maandag, dat er geen juridische basis was om vijf gemeenten te dwingen om noodopvang te regelen voor asielzoekers. Dit na Kamervragen van Pieter Omtzigt.

De maandag afgeloste Broekers-Knol wekte de indruk dat de landelijke overheid wettelijk bevoegd was om  Venray, Alkmaar, Enschede, Gorinchem en de regio Rotterdam tot de opvang te dwingen door te spreken van een "aanwijzing". Volgens Broekers-Knol is het gebruik van die term ingegeven door de acute noodsituatie, meldt de NOS.

Broekers-Knol omschrijft haar besluit nu als "dringend bestuurlijke verzoek".

Een woordvoerder van de gemeente laat aan 1Limburg het volgende weten: "We zijn er vanuit gegaan dat het juridisch goed in elkaar zat, en nou blijkt dat niet zo te zijn. Ons college gaat het er dinsdagochtend over hebben komt dan met een reactie."

Volgens burgemeester Theo Weterings van de gemeente Tilburg is de verplichte aanwijzing van een noodopvanglocaties voor asielzoekers niet de manier waarop de overheid om moet gaan met de gemeenten. Dat zegt hij namens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in Nieuwsuur.

Onlangs wees demissionair staatssecretaris Ankie Broekers-Knol van Justitie, de gemeenten Venray, Gorinchem, Enschede en de regio Rotterdam aan om verplicht noodopvang voor asielzoekers te faciliteren. 

De inzet van dit middel kan de verhoudingen tussen het Rijk en de gemeenten onder druk zetten, denken deskundigen. Zij vragen zich ook af of de juridische onderbouwing van deze aanwijzing voldoende is en of gemeenten wel gehoor moeten geven aan de aanwijzing.

Geerten Boogaard, hoogleraar decentrale overheden aan de Universiteit Leiden zegt dat een bestuurlijke aanwijzing een uitzonderlijk middel is dat niet vaak wordt ingezet. Nu is dat wel het geval, maar de vraag is of het terecht is ingezet. "Er is een aanwijzing, maar niemand weet of de staatssecretaris wel bevoegd is om die te geven. Want er is onvoldoende onderbouwing. Dus de vraag is of dit geen gesuggereerde bevoegdheid is."

Als er sprake is van een gesuggereerde bevoegdheid, is dat volgens Boogaard schadelijk voor de interbestuurlijke verhoudingen. Dat de brief de verhoudingen op scherp heeft gezet blijkt ook uit de reactie van de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb. Hij noemde de aanwijzing een "bot en grof middel". Daarnaast noemde hij de argumenten van de staatssecretaris 'ondeugdelijk'.

Ook hoogleraar staatsrecht Wim Voermans denk niet dat dit een goed middel is om lokale overheden mee over de streep te trekken. "Ik denk dat het Rijk zo niet met gemeenten moet omgaan. Leg geen verplichting op, maar ga met ze in gesprek."

Theo Weterings, commissievoorzitter Bestuur en Veiligheid van de VNG, spreekt de hoop uit dat het kabinet dit niet vaker gaat doen. Hij hoopt dan ook dat het voornemen om dat wel te doen, wordt geschrapt uit het coalitieakkoord. "Het is echt een aanfluiting. Dit is niet de manier hoe de Rijksoverheid moet omgaan met gemeenten. Een aanwijzing is echt een paardenmiddel."

Boogaard zou graag zien dat er een meer structurele oplossing komt. Weterings zou liever zien dat de leegstaande locaties worden gebruikt voor andere doeleinden. Bijvoorbeeld voor het huisvesten van spoedzoekers, studenten of arbeidsmigranten. Weterings benadrukt dat de bereidheid om te helpen er wel degelijk is bij gemeenten. Geerten Boogaard ziet dat ook, gemeenten geven gehoor aan de oproep van Broekers-Knol. 

Als gemeenten deze aanwijzing niet willen opvolgen, is het volgens Boogaard nog maar de vraag of het Rijk middelen heeft om navolging toch af te dwingen. "Zolang het niet duidelijk is dat het een bindende aanwijzing is, is er geen enkele grond om iets te doen als gemeenten het niet opvolgen."

Weterings kan nog niet zeggen of gemeenten naar de rechter stappen. "Ik ben ook van mening dat er weinig juridische onderbouwing is." Toch benadrukt hij vooral dat gemeenten tijdiger moeten weten hoeveel plekken nodig zijn, dan hoeven ze geen juridische strijd aan te gaan. "Maar ik begrijp dat er naar gekeken wordt en het gaat ook vast gebeuren."

Pagina 1 van 2