Een padelbal lijkt misschien een simpel ding, wat rubber, wat vilt, klaar is kees. Maar wie serieus speelt, weet beter. Zo'n bal moet stevig zijn, stuiteren zoals het hoort en niet als een slappe pudding van het glas afrollen. Toch gaat er een moment komen dat ‘ie sterft. Maar hoe snel gebeurt dat nou precies en waar moet je op letten om te weten wanneer het zover is.
Wat gebeurt er met een padelbal tijdens het spel,
Een padelbal ligt niet te dutten tijdens een potje. Elke rally, elke smash, elke botsing met het hek doet ‘m wat. Padelballen zijn met lucht onder druk gevuld. Zodra je de koker opent, begint de houdbaarheidstijd te tikken. Tijdens het spelen ontsnapt er langzaam lucht via de poriën van het rubber. Voeg daar wrijving met het oppervlak aan toe en het vilt krijgt het zwaar te verduren. Zeker bij warme of vochtige omstandigheden gaat het proces nog sneller. Dit is iets om over na te denken wanneer je bezig bent met het vinden van een baan voor een potje padel bij jou in de buurt.
Verschil tussen nieuwe en oude ballen
Nieuwe ballen voelen strak, reageren fel en klinken als een goed humeur. Dode ballen daarentegen gedragen zich loom, botsen dof en stuiteren alsof ze twijfelen over hun levenskeuzes. Dat verschil voel je na een tijdje spelen vanzelf. En als je twijfelt, leg er een nieuwe naast en vergelijk. Dan is het vaak meteen duidelijk.
Hoeveel potjes houdt een gemiddelde padelbal vol
De levensduur hangt af van hoe fanatiek je speelt en onder welke omstandigheden. Wie een paar keer per week een vriendschappelijk potje speelt, haalt meestal zo’n drie tot vijf speelsessies uit een set ballen. Daarna begint de rek eruit te gaan. Ze stuiteren nog wel, maar het wordt net niet meer leuk. Voor recreanten zit de grootste winst dus in net op tijd wisselen. Bij wedstrijden is het vaak simpel, nieuwe ballen bij de start, halfweg vervangen, klaar. Profs spelen zelden langer dan een uur met dezelfde ballen, omdat de respons meteen merkbaar afneemt. In die context gaan ballen dus maar één wedstrijd écht volwaardig mee.
Verschillen tussen goedkope en dure ballen
Duurdere modellen houden het doorgaans een paar sessies langer vol, maar verwacht geen wonderen. Goedkopere ballen verliezen sneller hun druk, slijten sneller en raken eerder ‘dood’. Uiteindelijk geldt, of je nou tien of twintig euro neertelt, ze lopen allebei langzaam leeg vanaf het moment dat je de bus opent.
Zo herken je dat een padelbal op is
Een bal hoeft geen rouwkaart om te laten weten dat 'ie niet meer mee wil doen. Het zijn juist de kleine signalen die het verraden. Het geluid bij de aanslag verandert, een frisse bal klinkt ‘plop’. Een vermoeide bal zegt eerder ‘thok’. Zodra dat geluid dof wordt, is dat een teken dat de druk verdwenen is. De bal veert nauwelijks meer, gewoon even laten vallen van borsthoogte op een harde ondergrond. Als ie nauwelijks omhoog komt, is het foute boel. Een goede stuit is essentieel bij padel. Ten slotte moet je letten op visuele tekens van slijtage, als het vilt kale plekken vertoont, rafelig is of glanzend plat ligt, zit je met een vermoeide rakker.
Wat je kunt doen om de levensduur een tikje te rekken
Je kunt het verval niet tegenhouden, maar wel vertragen. Een paar simpele gewoontes helpen je ballen een paar sessies extra mee te laten gaan. Laat ballen niet in de auto liggen, want hitte of kou is dodelijk voor je ballen. Hoge temperaturen maken het rubber week, kou laat de druk sneller verdwijnen. Neem ze dus mee naar binnen. Bewaar ze in een gesloten bus als dat kan, sommige merken verkopen ballen in drukvaste kokers. Goed afgesloten blijven ze net iets langer ´fris´, zo ook bij de plaatselijke sportwinkel in Venray. Probeer ook niet te spelen op zandtapijt als het nat is, zand en vocht zijn geen vrienden van het vilt en schaven je ballen binnen no-time kaal.


