Delen op social media kanalen

Al voor de vijftigste keer organiseert hij er zelf eentje, maar Wil Gommans uit Venray doet net zo lief mee bij een Tourtoto van iemand anders. "Ik wil gewoon winnen."

Hij weet nog goed wat het moment was dat zijn wielergekte in gang zetten. Een etappeoverwinning van Jan Janssen in de Tour van 1964. "Ik zag ‘s ochtend een foto in de krant van Jan Janssen als winnaar. Hij droeg een brilletje en ik had in die tijd ook een brilletje. Ik dacht: hoe kan je met een brilletje winnen. Vanaf dat moment was ik verkocht."

Inmiddels volgt hij alles wat los en vast zit. Grote rondes, maar ook eendagskoersen. Hij heeft een bibliotheek vol met wielerboeken en een week voor een grote ronde is hij fulltime bezig met speuren naar wie goed is. Want alle tourtoto’s die hij kan vinden worden ingevuld. Pogacar en Roglic zal iedereen invullen, maar het gaat erom om juist die renner te vinden die goed scoort, maar niet door iedereen wordt uitgekozen.

Jezelf onderscheiden van andere deelnemers vindt hij wel steeds moeilijker. Gommans. "Je kunt op internet tegenwoordig alles vinden. Vroeger moest je echt alles bijhouden. Wie er goed was, wie in vorm was in de voorbereidingskoersen." De revelatie voor deze Tour is tot nu toe sprinter Nacer Bouhanni. "Wie had gedacht dat hij op zijn oude dag nog drie keer naar een podiumplek zou sprinten? Dat is voor mij tot nu toe wel de dark horse."

Gommans maakte in 1972 kennis met de tourtoto bij een kroeg in Velden. "Dat kan ik ook, dacht ik toen", zegt hij. Toen hij twee jaar later ging werken bij printerfabrikant Océ in Venlo kwam zijn toto in een stroomversnelling. "Ik had op een gegeven moment wel 800 deelnemers ieder jaar." Inmiddels is hij met zijn tourspel grotendeels ingehaald door internet. Al maakt hij nog ieder jaar een eigen toto. "Er zijn heel wat partijen die er serieus geld mee verdienen, voor mij hoeft dat niet."

Grote prijzen wint hij zelf ook al een aantal jaren niet meer. Hij is sowieso al enkele honderden euro’s aan inschrijfgeld kwijt. Die verdient hij ook wel weer terug, maar een vetpot is het niet. "Je hoopt iedere keer weer dat je favorieten het ook waarmaken en vooraan eindigen. En niet vallen! Of je kiest Merlier als sprinter en dan zie je de ploeg vervolgens Philipsen naar voren schuiven in de finale. Daar heb je ook niets aan… Eigenlijk staat zo’n toto garant voor 21 dagen ergernis", lacht hij.

Bron
L1 (Guus Benders)
Foto
L1