‘Dorp aan de frontlinie’ is een ooggetuigenverslag van de verwoesting, deportaties en evacuaties die de bewoners van Noord-Limburg tijdens hun bevrijding moesten doorstaan.

Het dagboek van Piet van Els (1897-1958) uit Wanssum geeft een indringend en persoonlijk verslag van de bevrijdingsmaanden september 1944 – juni 1945.

In een vlotte en beeldende schrijfstijl geeft het dagboek een goede indruk van de achtbaanrit waarin de bevolking van Noord-Limburg tijdens de bevrijding terecht kwam.

In Noord-Limburg was geen sprake was van juichende menigten, maar werd de gehele bevolking geëvacueerd te midden van een van de zwaarste tankveldslagen die in West-Europa werd geleverd, die bij Overloon.

Terwijl duidelijk is, dat de Duitsers zich terugtrekken en daarbij de tactiek van de verschroeide aarde toepassen (in Wanssum worden ‘zijn’ bedrijf Landbouwbelang en de kerk tot ontploffing gebracht), beleven Piet van Els en zijn gezin twee hachelijke avonturen: hij wordt door de Duitsers van huis gehaald voor de Arbeitseinsatz. Maar dan wordt de trein waarmee hij op transport is in Duitsland beschoten door de Engelsen. In de consternatie keert hij op eigen houtje terug naar huis.

Krap een week later dient de bevrijding zich aan. Wanssum komt in de frontlinie te liggen en het hele gezin moet onder granaatvuur vertrekken. Maandenlang leven ze als evacué, om daarna terug te keren in hun volledig geplunderde huis.

Piet van Els beschrijft de gebeurtenissen gedetailleerd en met gevoel, wat dit dagboek tot een ontroerend ooggetuigeverslag maakt van het eind van de oorlog.

Het dagboek is uitgegeven bij De Limburger. Het is verkrijgbaar in de boekhandel, via de bekende webwinkels en via www.fasol.nl/oorlogsdagboek.